Nieuws

Zizou Bergs: “Dit is Zizou 24!”

De zege van de definitieve doorbraak? Daar heeft het alle schijn naar. Zizou Bergs (ATP 102) knokte zich naar zijn allereerste grandslamoverwinning en dat dan nog tegen een reekshoofd, Alejandro Tabilo (ATP 25), killer van Novak Djokovic in Rome! De Limburgse qualifier kan in deze vorm met vertrouwen naar een tweede ronde tegen Maximilian Marterer (ATP 101).

Wie gaf bij 3-6, 2-5 nog een cent voor de kansen van Zizou Bergs tijdens zijn eerste uitje op de hoofdtabel van Roland Garros? Alejandro Tabilo speelde vlotjes terwijl de 24-jarige Peltenaar tegen zichzelf vocht. Zijn tennis wilde maar niet loskomen terwijl de setpunten en de frustratie zich opstapelden. Maar Bergs beschikt gelukkig over een leeuwenhart en begon terug te knokken. Hij weerde maar liefst zes setpunten af en kroop, met de steun van de Belgische fans, dichter en dichter bij zijn Chileense opponent “Ik was eigenlijk alleen op zoek naar mijn niveau”, zuchtte Bergs. “Het was immers niet goed. Stapje per stapje ging het iets beter, maar ik zat toch nog ver. Maar de fans zetten zich erachter. Ik weet wel niet hoe ik die setpunten heb gered. Maar na een tijdje realiseerde ik mij wel dat ook hij niet top was. De omstandigheden waren ook wat anders dan de voorbije dagen.

Zo’n eerste grandslamzege – na twee keer proberen op de Australian Open en één keer op Wimbledon – smaakt zoet. De ontlading was enorm. “Het is ongelooflijk”, grinnikte Bergs. “Ik voel de adrenaline nog een beetje. Ik heb al wel wat ademhalingsoefeningen gedaan, maar het is moeilijk.” Deze overwinning zit dan ook vol symboliek: de eerste dus op Roalnd Garros, de eerste tegen een speler uit de top 25, waar hoogstwaarschijnlijk ook een plaats in de top 100 aan vastzit. Prachtig. De doorbraak lijkt hiermee helemaal ingezet. “Dit is de Zizou 24!”, zei Bergs. “De Zizou die er eigenlijk in het verleden nooit in slaagde om met matig tennis matchen over de streep te trekken. Maar nu hier op Roland Garros heb ik er zo al twee gewonnen. Dat is de grote switch geweest na mijn polsblessure. Ik ben solide geworden. En dit zijn de zeges die me opnieuw kansen gaan geven om beter te tennissen en nog meer matchen te winnen. Dat is echt wel top!”

Wij, en heel tennisminnend België, kijken dan ook al uit naar zijn volgende ronde. Met de 28-jarige Duitser Maximilian Marterer treft hij een tegenstrever die hij redelijk goed kent – ze speelde drie keer eerder tegen mekaar (2-1 voor Bergs) – en die binnen zijn mogelijkheden ligt. “De deur staat open en aan mij om die weg nu verder te zetten”, klonk Bergs overtuigd. “Hij is linkshandig en agressief maar op gravel speel ik wel graag tegen hem. Een leuke opportuniteit.” Zizou in Parijs is stilaan een heel mooi verhaal aan het worden. “En zeggen dat Roland Garros vroeger mijn minst favoriete grandslamtornooi was”, lachte Bergs. “Maar de sfeer hier is echt zalig. Die kwalificatierondes al, met dat orkest in de tribune. Dat is ongelooflijk. Om dan zoveel Belgen te hebben die mee helpen aan die  ambiance, dat is gewoon heel fijn om mee te maken.”

Alison Van Uytvanck: “Ben ik nog wel goed genoeg? Die vraag stel ik me”

Het ging altijd een moeilijke opdracht worden voor Alison Van Uytvanck (WTA 397), die eerste ronde op een grandslamtornooi sinds de Australian Open 2023. Kwalificatiespeelster Tamara Zidansek (WTA 131) had bovendien al drie matchen in de benen en breidde daar jammer genoeg met 6-2, 2-6, 6-1 een vervolg aan. Voor Van Uytvanck wacht nu het gras.

Van een ITF35 in Hammamet en Bastad naar baan zeven van Roland Garros. Een wereld van verschil. Al zat er door het late aanvangsuur, en de exploten van Zizou Bergs, wel niet zo heel veel volk in de tribunes. Die paar mensen zagen wel dat Alison Van Uytvanck zich helemaal gaf en bij momenten zeker behoorlijk tennis afleverde. Tegen de ervaren en slim spelende Sloveense ontbrak evenwel nog die extra versnelling en een tikkeltje regelmaat om de bovenhand te nemen. “Te veel ups-and-downs”, gaf ook de Brabantse toe. “Heel frustrerend. Want op training lukt het wel. In een match kan  ik dan niet altijd dat niveau vasthouden. Ergens moet ik dat accepteren maar je hoopt natuurlijk dat het wel lukt. Ik ben echt wel teleurgesteld.”

De 30-jarige Van Uytvanck komt nu eenmaal van ver terug. Haar rugproblemen waren en zijn ernstig. Zoiets vergt tijd, en moed. “Die twijfel over mijn toekomst is moeilijk om te dragen”, zuchtte ze. “Ik heb het gevoel dat die meisjes rond de 200ste en 300ste plaats echt wel kunnen tennissen en dat ik er niet meer bovenuit steek, wat vroeger wel het geval was. Mijn lichaam is bovendien oké, maar ook niet meer dan dat. Er zijn altijd kleine kwaaltjes. Ik voel dat ik niet meer van de jongste ben. Dat is allemaal heel frustrerend. Ben ik nog wel goed genoeg? Die vraag stel ik me wel. We zullen zien nu op gras…”

Daar kan het voormalige nummer 37 van de wereld misschien wat vertrouwen, in lichaam en tennis,  opdoen. Ze gebruikt haar ‘beschermde ranking’ alvast voor het WTA-tornooi van Rosmalen en Wimbledon, en begint op het ITF-tornooi van Surbiton. “Op zijn minst zijn er niet zo’n lange rally’s en voel ik me geen Bambi op ijs”, glimlachte Van Uytvanck. “Ik heb ook een inspuiting gehad in mijn knie en heb dus een ander gevoel in mijn bewegingen (op gravel) dan vroeger. Op gras ga ik daar minder last van hebben. Ik zou graag willen dat het sneller gaat. Ik heb niet die ambitie om die kleinere ITF-tornooien te blijven spelen. Hoe vlugger ik daaruit ben, hoe beter natuurlijk. Ik ga het tornooi per tornooi bekijken en als die grotere afspraken achter de rug zijn de balans opmaken. Maar als ik dan nog in die ITF-tornooien zit, dan weet ik het niet…”

Elise Mertens: “Enkelspel is nog steeds mijn prioriteit maar in het dubbel gaan we voor winst”

Een achtste finale tegen Coco Gauff was vorig jaar pas het eindstation voor Elise Mertens (WTA 27) op Roland Garros. Deze editie hoopt ze minstens even goed te doen. Te beginnen met een zege op  Maria Lourdes Carle (WTA 83). “Ze is Argentijns, ze zal dus wel veel ballen terugbrengen”, glimlachte de Limburgse wereldtopper.

Achtste Roland Garros-deelname voor Elise Mertens en dat doet ze nog altijd als reekshoofd. Terwijl ze in het dubbelspel de successen blijft opstapelen – in januari won ze nog de Australian Open – is haar parcours in het enkel iets hobbeliger. In Rome ging ze laatst nog verrassend hard onderuit tegen de Roemeense Begu. In Parijs gaf ze wat tekst en uitleg bij die nederlaag. “Ik zat met een geblokkeerde nek waardoor ik niet fatsoenlijk kon serveren. Als ik opgaf in die wedstrijd mocht ik later op de dag ook niet meer aantreden in het dubbelspel met Su-Wei Hsieh. Vandaar het vreemde verloop van de partij.” Lichamelijk is alles ondertussen terug in orde, maar met vier overwinningen in vier graveltornooien kende de voorbereiding op deze French Open niet de verhoopte vertrouwensopbouw. “Ik ben toch blij dat ik hier nog altijd als reekshoofd sta”, glimlachte Mertens. “Dat zou toch een verschil moeten maken, al weet ik het tegenwoordig niet meer zo goed.”

Opletten wordt het sowieso voor de vrij onbekende Maria Lourdes Carle in ronde een. In Madrid won de 24-jarige Zuid-Amerikaanse nog van Raducanu en Kudermetova. “Ik weet maar weinig van haar”, moest Mertens toegeven. “Ze is niet superjong meer (24) maar ze is wel een opkomende speelster die de laatste maanden toch wat resultaten heeft neergezet. Ik weet niet hoe ze speelt maar als ze een Argentijnse is zal ze wel veel ballen terughalen, hè. Nu, vandaag is het algemene niveau zo hoog dat er geen makkelijke rondes meer zijn.”  

De laatste jaren worden de enkelresultaten van Mertens een beetje in de schaduw gesteld door haar prestaties in het dubbelspel. Voelt de Limburgse zich nu eerder een enkel -of een dubbelspeelster? “Nee, nee.”, was Mertens categoriek. “Enkel is nog steeds mijn prioriteit. Dubbel speel ik enkel op de grandslam -en WTA 1000-tornooien. Ik sta toch nog altijd in de top 30, hè, dat is toch niet slecht?” Verre van maar dit is natuurlijk een gevolg van haar positie aan de top van de dubbelranking en het  bijhorend formidabel palmares. Op Roland Garros kan ze het kwartet van grandslamtitels in het dubbelspel trouwens vervolledigen. “Dat speelt een rol, ja”, gaf Mertens toe. “We hebben er dit jaar al eentje kunnen winnen en Su-Wei (Hsieh) is hier titelverdedigster, we gaan dus zeker voor winst.”

Maar eerst is er dus de start van het enkeltornooi. Gelooft Mertens ergens nog dat ze haar plaats heeft in de top 20? “Ja”, zei ze met een lichte hapering in de stem. “Ik train nog steeds hard, haal nog resultaten en werk nog met plezier aan mijn tennis. Ik moet evenwel meer grote wedstrijden winnen. Een kwartfinale in een WTA 500-tornooi is niet voldoende, ik moet voor de halve finale of finale gaan, als je de top 20 wil halen. Of hier goed presteren natuurlijk. Maar ik heb wel een vierde ronde te verdedigen…dus eigenlijk zou ik beter moeten doen.” 

Greet Minnen: “Cool om tegen Rybakina te spelen”

Elena Rybakina (WTA 4). Niet direct de naam die je uit de hoed wilt zien komen als je een grandslamtornooi speelt op je minst geliefde ondergrond maar Greet Minnen (WTA 86) wil er op een mooie baan van Roland Garros toch het beste van maken.

Na een verbluffende comeback in 2023 – waarin ze van WTA 229 naar WTA 59 – kende de 26-jarige Greet Minnen dit seizoen de andere kant van de medaille. Het niveau was gestegen, de tornooien sterker en de concurrentie groter. Aanpassen dus. “Het was inderdaad met ups en downs”, gaf de Turnhoutse toe. “Een moeilijke start maar daarna beter gespeeld in Doha en Miami. Waarna ik op gravel niet de resultaten haalde waar ik op had gehoopt. Nu, die ondergrond gaat altijd wel een moeilijk verhaal blijven voor mij. Mentaal was het lastig om dit jaar die successen van 2023 niet meer te herhalen. Vorig jaar stond ik quasi elke week in de halve finale of finale, veel matchen gewonnen. Maar op dit niveau is dat natuurlijk veel lastiger. Mentaal was dat even de knop omdraaien dus. Het accepteren van nederlagen, het erbij neerleggen dat je niet elke week ver zal geraken in een tornooi. Het niveau is anders nu. Ik kan er ondertussen wel wat beter mee omgaan.”

De kans zit erin dat ze hier in Parijs opnieuw uit dat vaatje zal moeten tappen. Wimbledon-winnares Elena Rybakina behoort tot de kanshebbers op de titel aan de Porte d’Auteuil. “Mijn eerste reactie was: dat is niet van de poes”, lachte Minnen. “Maar zo gaat het nu eenmaal. Mijn enige optie om dat soort lotingen te ontlopen is nog verbeteren en reekshoofd worden. Dat gaan we volgend jaar proberen te doen.” De wedstrijd moet natuurlijk nog gespeeld worden. “En gravel is ook niet haar favoriete ondergrond”, wist Minnen. “Maar ze blijft natuurlijk een speelster die ver geraakt in elk tornooi waaraan ze deelneemt. Rybakina speelt erg agressief met een excellente timing, aan mij om voldoende te variëren om haar uit het ritme te halen. Ik moet anderen dingen doen dan gewoonlijk. Ik heb niets te verliezen. Ik speel op een mooie baan met een fijne sfeer. Een ervaring erbij. Het gaat cool zijn om tegen haar te spelen.”

David Goffin: “Ook volgend seizoen speel ik zeker nog. Daarna zien we wel”

Het was een opvallend ontspannen David Goffin (ATP 112) die de pers te woord stond in Parijs. Ondanks rugproblemen, wisselvallige resultaten en een oorontsteking bleek hij toch positief gestemd door Roland Garros. De plek waar hij zichzelf in 2012 aan het grote publiek presenteerde door zich als een lucky loser tot in de achtste finale te hijsen. De 33-jarige Luikenaar begint aan zijn veertiende deelname met een duel tegen de jonge Fransman Giovanni Mpetshi Perricard (ATP 117).

“Ik ben echt blij van hier te zijn”, opende David Goffin zijn discours. “Als ik hier aankom krijg ik altijd een boost in mijn motivatie omdat dit tornooi me zo nauw aan het hart ligt. Ik heb hier natuurlijk ook veel goede herinneringen. Ik voel me alleszins klaar omdat ik de omstandigheden hier zo goed ken. Maar we zullen zien wat dat zal geven.” De tevredenheid van het Belgische boegbeeld hangt vanzelfsprekend ook samen met zijn plek op de hoofdtabel, die kwam er pas op het laatste nippertje. “Bij de start van het seizoen was dat altijd één van de doelstellingen”, wist Goffin. “Ik zit er maar juist bij maar het belangrijkste is natuurlijk dat ik op de main draw sta.”

Zijn recente gezondheidsproblemen klonken nog een beetje door in zijn stem maar Goffin zelf maakte er geen punt van. “Mijn lichaam is oké”, bevestigde hij. “De laatste weken waren wat moeilijker. Ik heb wel enkele dagen in bed doorgebracht in Genève, waar ik een verkoudheid en een oorontsteking heb opgelopen. Maar dat is door nu. Ik zou 100 procent moeten zijn voor mijn match hier.” Enkele procenten meer zou misschien nog beter zijn want de 20-jarige Giovanni Mpetshi Perricard is aan een fameuze opmars bezig. “Ik heb in Antwerpen al eens tegen hem gespeeld (vorig jaar op de European Open werd het 7-5, 6-3 voor de Fransman, red)”. Maar dat was op een supersnelle ondergrond. Hier gaat het anders zijn. Veel zal wel van zijn service afhangen. Hij speelt de finale in Lyon. Het zal dus niet makkelijk worden, zeker niet omdat hij het publiek achter zich gaat hebben. Ik zal vrijuit moeten tennissen, zodat ik hem aan het lopen kan krijgen.”

In geval van een overwinning wacht een gezellig onderonsje met ofwel Sascha Zverev ofwel Rafael Nadal. “Die twee tegen elkaar in de eerste ronde…dat is zot”, glimlachte Goffin. “Dat is de strafste eerste ronde van het jaar! Tegen één van die twee uitkomen in de tweede ronde zou top zijn. Ook al is het natuurlijk een aartsmoeilijke opdracht. Zverev is duidelijk in bloedvorm na zijn zege in Rome terwijl Nadal, na Barcelona en Madrid, toch zijn tennis wat lijkt terug te vinden. Het wordt wel afwachten of hij het fysiek gaat aankunnen. De laatste keer tegen Zverev (halve finale Roland Garros 2022) waren de rally’s al ongelooflijk lang.”

Wat deze Roland Garros ook gaat geven voor Goffin, zijn toekomst ziet hij tegemoet met sereniteit. “Ik ga proberen terug te keren in de top 100”, klonk hij overtuigd. “Ik heb nog wat weg af te leggen maar ik denk wel dat ik het nog in me heb en zelfs het niveau van een top 70 of 80 kan bereiken. Er zit niet veel verschil tussen. Ik heb de laatste weken ook enkele goede matchen gespeeld. Wat uiteindelijk telt is niet zozeer het resultaat maar de manier waarop men verliest. Die nederlagen zijn vaak mijn eigen fout en niet door de sterkte van de tegenstander. Ik ga de zege niet genoeg zoeken. Alles ligt dus nog in mijn handen, heb ik het gevoel, om die tendens tegen het einde van het jaar om te buigen. Het is ook een kwestie van vertrouwen maar tegelijk ook de manier waarop ik vaak de wedstrijden aanvat. Al te vaak begin ik slecht, verlies ik de eerste set, vooraleer nipt onderuit te gaan in set drie. Als ik dat al zou kunnen oplossen.”

Als we het over het einde van het seizoen hebben, spreken we dan ook oer het einde van een carrière? Goffin wordt in september vader en in december 34 jaar. “Ik weet dat enkele generatiegenoten als Dominic Thiem en Diego Schwarzmann er dit jaar een punt achter zetten”, zuchtte de voormalige nummer zeven van de wereld. “Maar dat gaat bij mij niet het geval zijn. Ik ga zeker ook volgend jaar nog spelen. Daarna zullen we zien hoe dat aanvoelt.” We stipten het al aan: samen met vrouw Stéphanie verwacht Goffin binnenkort een eerste kindje. “We zijn in de wolken”, glunderde Goffin. Supercontent. Ik geniet van elke dag, elke week, elke nieuwe stap. In september komt dan de grote verandering.” Een verandering die mogelijk ook gevolgen heeft voor zijn deelname aan de Davis Cup in Bologna. “Ik heb Steve (Darcis) al lang op voorhand ingelicht. Ik heb hem meegedeeld dat het moeilijk gaat worden. Als de baby er nog niet is, zal ik gespannen aan het wachten zijn. En als de baby er wel al is, dan zal ik goesting hebben om tijd met hem door te brengen.”

Alison Van Uytvanck: “Ik heb geen schrik meer om te tennissen”

Niemand die in Parijs met een grotere glimlach rondloopt dan Alison Van Uytvanck (WTA 398). Terugkrabbelend van ernstige rugproblemen speelt ze zondag op Roland Garros voor het eerst weer een grandslamwedstrijd sinds de Australian Open vorig jaar. “Ik ga gestresseerd zijn”, gaf ze al toe.

 

Bijna tien jaar is het geleden dat de 30-jarige Alison Van Uytvanck haar ‘moment de gloire’ kende op Roland Garros en met een kwartfinale België anderhalve week in de ban hield. Coach Ann Devries staat vandaag nog steeds aan haar zijde maar een decennium aan proftennis heeft wel zijn sporen nagelaten. Van Uytvanck kende de laatste twee jaar heel veel rugproblemen en is sinds enkele maanden bezig aan haar laatste comebackpoging. “Mijn lichaam is nu min of meer in orde”, zei de Brabantse. “Ik heb hier en daar wat kwaaltjes maar ik heb geen schrik meer om te tennissen.”

Van Uytvanck heeft begrijpelijk diep gezeten. “We hebben veel getwijfeld. Of ik nog wel zou kunnen terugkeren? Of ik nog wel een behoorlijk niveau zou kunnen halen? Ik heb veel getraind maar als je dan na enkele maanden wéér een terugval krijgt, en je weer opnieuw moet beginnen, dan wordt het moeilijk.” In december onderging ze een zware ingreep om die laatste strohalm te grijpen. “Ik heb zes hete, dikke naalden in mijn rug gekregen en daarlangs werd dan heel veel koud water ingespoten”, legde Van Uytvanck uit. “Om zo de zenuwen min of meer te verdoven. Het was zeer pijnlijk. Temeer daar ik wakker moest blijven tijdens de ingreep. Die verdoving zou een jaar moeten werken. Voorlopig gaat het goed.”

Logisch dus dat Van Uytvanck superblij is om opnieuw deel te nemen aan het grootste graveltornooi ter wereld. Zeker ook omdat ze de laatste weken via de kleinere ITF-tornooitjes aan de weg terug heeft getimmerd. In Hammamet (W35) pakte ze zelfs de titel, maar een lachertje was dat niet. “Het was vreselijk”, lachte Van Uytvanck. “Het is echt back to basics. Dat wordt ook een beetje onderschat. Je bent het gewoon dat alles goed geregeld is, dat je water krijgt als je gaat trainen bijvoorbeeld. Wel, daar kreeg je geen water. Je krijgt nooit nieuwe ballen. Op mijn leeftijd dacht ik echt: ‘Fuck, wat ben ik hier aan het doen?’ Eerlijk, als mijn vrouw niet mee was dan ben ik niet zeker dat ik naar Tunesië was afgereisd. De motivatie vinden om, na de carrière die ik gehad heb, die kleinere tornooien af te schuimen is pittig.”

Nog iets dat Van Uytvanck geleerd heeft uit die laatste maanden is dat de concurrentie op het circuit moordend is. “Iedereen kan tennissen”, zei ze. “Zelfs de meisjes die 300ste of 400ste staan. Het is moeilijk om terug in die top 100 te geraken, hè.” Een mogelijke binnenweg is natuurlijk een goede prestatie op Roland Garros en de andere grote tornooien waarin ze haar beschermde ranking nog kan gebruiken. “Er resten mij nog vijf WTA-tornooien en twee grandslamtornooien, en daar ik zoveel mogelijk op gras ga spelen, ga ik die daar gebruiken.” Maar eerst dus hier in Parijs, waarin ze zondag een tegenstandster uit de kwalificaties treft. “Ik ga gestresseerd zijn”, wist Van Uytvanck. “En het gaat mentaal zwaar worden om daar mee om te gaan, maar ik ga wel alles geven.” Met de glimlach.  

Zizou Bergs: “Dit is Zizou 24!”

De zege van de definitieve doorbraak? Daar heeft het alle schijn naar. Zizou Bergs (ATP 102) knokte zich naar zijn allereerste grandslamoverwinning en dat dan nog tegen een reekshoofd, Alejandro Tabilo (ATP 25), killer van Novak Djokovic in Rome! De Limburgse qualifier kan in deze vorm met vertrouwen naar een tweede ronde tegen Maximilian Marterer (ATP 101).

Wie gaf bij 3-6, 2-5 nog een cent voor de kansen van Zizou Bergs tijdens zijn eerste uitje op de hoofdtabel van Roland Garros? Alejandro Tabilo speelde vlotjes terwijl de 24-jarige Peltenaar tegen zichzelf vocht. Zijn tennis wilde maar niet loskomen terwijl de setpunten en de frustratie zich opstapelden. Maar Bergs beschikt gelukkig over een leeuwenhart en begon terug te knokken. Hij weerde maar liefst zes setpunten af en kroop, met de steun van de Belgische fans, dichter en dichter bij zijn Chileense opponent “Ik was eigenlijk alleen op zoek naar mijn niveau”, zuchtte Bergs. “Het was immers niet goed. Stapje per stapje ging het iets beter, maar ik zat toch nog ver. Maar de fans zetten zich erachter. Ik weet wel niet hoe ik die setpunten heb gered. Maar na een tijdje realiseerde ik mij wel dat ook hij niet top was. De omstandigheden waren ook wat anders dan de voorbije dagen.

Zo’n eerste grandslamzege – na twee keer proberen op de Australian Open en één keer op Wimbledon – smaakt zoet. De ontlading was enorm. “Het is ongelooflijk”, grinnikte Bergs. “Ik voel de adrenaline nog een beetje. Ik heb al wel wat ademhalingsoefeningen gedaan, maar het is moeilijk.” Deze overwinning zit dan ook vol symboliek: de eerste dus op Roalnd Garros, de eerste tegen een speler uit de top 25, waar hoogstwaarschijnlijk ook een plaats in de top 100 aan vastzit. Prachtig. De doorbraak lijkt hiermee helemaal ingezet. “Dit is de Zizou 24!”, zei Bergs. “De Zizou die er eigenlijk in het verleden nooit in slaagde om met matig tennis matchen over de streep te trekken. Maar nu hier op Roland Garros heb ik er zo al twee gewonnen. Dat is de grote switch geweest na mijn polsblessure. Ik ben solide geworden. En dit zijn de zeges die me opnieuw kansen gaan geven om beter te tennissen en nog meer matchen te winnen. Dat is echt wel top!”

Wij, en heel tennisminnend België, kijken dan ook al uit naar zijn volgende ronde. Met de 28-jarige Duitser Maximilian Marterer treft hij een tegenstrever die hij redelijk goed kent – ze speelde drie keer eerder tegen mekaar (2-1 voor Bergs) – en die binnen zijn mogelijkheden ligt. “De deur staat open en aan mij om die weg nu verder te zetten”, klonk Bergs overtuigd. “Hij is linkshandig en agressief maar op gravel speel ik wel graag tegen hem. Een leuke opportuniteit.” Zizou in Parijs is stilaan een heel mooi verhaal aan het worden. “En zeggen dat Roland Garros vroeger mijn minst favoriete grandslamtornooi was”, lachte Bergs. “Maar de sfeer hier is echt zalig. Die kwalificatierondes al, met dat orkest in de tribune. Dat is ongelooflijk. Om dan zoveel Belgen te hebben die mee helpen aan die  ambiance, dat is gewoon heel fijn om mee te maken.”

Elise Mertens: “Enkelspel is nog steeds mijn prioriteit maar in het dubbel gaan we voor winst”

Een achtste finale tegen Coco Gauff was vorig jaar pas het eindstation voor Elise Mertens (WTA 27) op Roland Garros. Deze editie hoopt ze minstens even goed te doen. Te beginnen met een zege op  Maria Lourdes Carle (WTA 83). “Ze is Argentijns, ze zal dus wel veel ballen terugbrengen”, glimlachte de Limburgse wereldtopper.

Achtste Roland Garros-deelname voor Elise Mertens en dat doet ze nog altijd als reekshoofd. Terwijl ze in het dubbelspel de successen blijft opstapelen – in januari won ze nog de Australian Open – is haar parcours in het enkel iets hobbeliger. In Rome ging ze laatst nog verrassend hard onderuit tegen de Roemeense Begu. In Parijs gaf ze wat tekst en uitleg bij die nederlaag. “Ik zat met een geblokkeerde nek waardoor ik niet fatsoenlijk kon serveren. Als ik opgaf in die wedstrijd mocht ik later op de dag ook niet meer aantreden in het dubbelspel met Su-Wei Hsieh. Vandaar het vreemde verloop van de partij.” Lichamelijk is alles ondertussen terug in orde, maar met vier overwinningen in vier graveltornooien kende de voorbereiding op deze French Open niet de verhoopte vertrouwensopbouw. “Ik ben toch blij dat ik hier nog altijd als reekshoofd sta”, glimlachte Mertens. “Dat zou toch een verschil moeten maken, al weet ik het tegenwoordig niet meer zo goed.”

Opletten wordt het sowieso voor de vrij onbekende Maria Lourdes Carle in ronde een. In Madrid won de 24-jarige Zuid-Amerikaanse nog van Raducanu en Kudermetova. “Ik weet maar weinig van haar”, moest Mertens toegeven. “Ze is niet superjong meer (24) maar ze is wel een opkomende speelster die de laatste maanden toch wat resultaten heeft neergezet. Ik weet niet hoe ze speelt maar als ze een Argentijnse is zal ze wel veel ballen terughalen, hè. Nu, vandaag is het algemene niveau zo hoog dat er geen makkelijke rondes meer zijn.”  

De laatste jaren worden de enkelresultaten van Mertens een beetje in de schaduw gesteld door haar prestaties in het dubbelspel. Voelt de Limburgse zich nu eerder een enkel -of een dubbelspeelster? “Nee, nee.”, was Mertens categoriek. “Enkel is nog steeds mijn prioriteit. Dubbel speel ik enkel op de grandslam -en WTA 1000-tornooien. Ik sta toch nog altijd in de top 30, hè, dat is toch niet slecht?” Verre van maar dit is natuurlijk een gevolg van haar positie aan de top van de dubbelranking en het  bijhorend formidabel palmares. Op Roland Garros kan ze het kwartet van grandslamtitels in het dubbelspel trouwens vervolledigen. “Dat speelt een rol, ja”, gaf Mertens toe. “We hebben er dit jaar al eentje kunnen winnen en Su-Wei (Hsieh) is hier titelverdedigster, we gaan dus zeker voor winst.”

Maar eerst is er dus de start van het enkeltornooi. Gelooft Mertens ergens nog dat ze haar plaats heeft in de top 20? “Ja”, zei ze met een lichte hapering in de stem. “Ik train nog steeds hard, haal nog resultaten en werk nog met plezier aan mijn tennis. Ik moet evenwel meer grote wedstrijden winnen. Een kwartfinale in een WTA 500-tornooi is niet voldoende, ik moet voor de halve finale of finale gaan, als je de top 20 wil halen. Of hier goed presteren natuurlijk. Maar ik heb wel een vierde ronde te verdedigen…dus eigenlijk zou ik beter moeten doen.” 

Greet Minnen: “Cool om tegen Rybakina te spelen”

Elena Rybakina (WTA 4). Niet direct de naam die je uit de hoed wilt zien komen als je een grandslamtornooi speelt op je minst geliefde ondergrond maar Greet Minnen (WTA 86) wil er op een mooie baan van Roland Garros toch het beste van maken.

Na een verbluffende comeback in 2023 – waarin ze van WTA 229 naar WTA 59 – kende de 26-jarige Greet Minnen dit seizoen de andere kant van de medaille. Het niveau was gestegen, de tornooien sterker en de concurrentie groter. Aanpassen dus. “Het was inderdaad met ups en downs”, gaf de Turnhoutse toe. “Een moeilijke start maar daarna beter gespeeld in Doha en Miami. Waarna ik op gravel niet de resultaten haalde waar ik op had gehoopt. Nu, die ondergrond gaat altijd wel een moeilijk verhaal blijven voor mij. Mentaal was het lastig om dit jaar die successen van 2023 niet meer te herhalen. Vorig jaar stond ik quasi elke week in de halve finale of finale, veel matchen gewonnen. Maar op dit niveau is dat natuurlijk veel lastiger. Mentaal was dat even de knop omdraaien dus. Het accepteren van nederlagen, het erbij neerleggen dat je niet elke week ver zal geraken in een tornooi. Het niveau is anders nu. Ik kan er ondertussen wel wat beter mee omgaan.”

De kans zit erin dat ze hier in Parijs opnieuw uit dat vaatje zal moeten tappen. Wimbledon-winnares Elena Rybakina behoort tot de kanshebbers op de titel aan de Porte d’Auteuil. “Mijn eerste reactie was: dat is niet van de poes”, lachte Minnen. “Maar zo gaat het nu eenmaal. Mijn enige optie om dat soort lotingen te ontlopen is nog verbeteren en reekshoofd worden. Dat gaan we volgend jaar proberen te doen.” De wedstrijd moet natuurlijk nog gespeeld worden. “En gravel is ook niet haar favoriete ondergrond”, wist Minnen. “Maar ze blijft natuurlijk een speelster die ver geraakt in elk tornooi waaraan ze deelneemt. Rybakina speelt erg agressief met een excellente timing, aan mij om voldoende te variëren om haar uit het ritme te halen. Ik moet anderen dingen doen dan gewoonlijk. Ik heb niets te verliezen. Ik speel op een mooie baan met een fijne sfeer. Een ervaring erbij. Het gaat cool zijn om tegen haar te spelen.”

David Goffin: “Ook volgend seizoen speel ik zeker nog. Daarna zien we wel”

Het was een opvallend ontspannen David Goffin (ATP 112) die de pers te woord stond in Parijs. Ondanks rugproblemen, wisselvallige resultaten en een oorontsteking bleek hij toch positief gestemd door Roland Garros. De plek waar hij zichzelf in 2012 aan het grote publiek presenteerde door zich als een lucky loser tot in de achtste finale te hijsen. De 33-jarige Luikenaar begint aan zijn veertiende deelname met een duel tegen de jonge Fransman Giovanni Mpetshi Perricard (ATP 117).

“Ik ben echt blij van hier te zijn”, opende David Goffin zijn discours. “Als ik hier aankom krijg ik altijd een boost in mijn motivatie omdat dit tornooi me zo nauw aan het hart ligt. Ik heb hier natuurlijk ook veel goede herinneringen. Ik voel me alleszins klaar omdat ik de omstandigheden hier zo goed ken. Maar we zullen zien wat dat zal geven.” De tevredenheid van het Belgische boegbeeld hangt vanzelfsprekend ook samen met zijn plek op de hoofdtabel, die kwam er pas op het laatste nippertje. “Bij de start van het seizoen was dat altijd één van de doelstellingen”, wist Goffin. “Ik zit er maar juist bij maar het belangrijkste is natuurlijk dat ik op de main draw sta.”

Zijn recente gezondheidsproblemen klonken nog een beetje door in zijn stem maar Goffin zelf maakte er geen punt van. “Mijn lichaam is oké”, bevestigde hij. “De laatste weken waren wat moeilijker. Ik heb wel enkele dagen in bed doorgebracht in Genève, waar ik een verkoudheid en een oorontsteking heb opgelopen. Maar dat is door nu. Ik zou 100 procent moeten zijn voor mijn match hier.” Enkele procenten meer zou misschien nog beter zijn want de 20-jarige Giovanni Mpetshi Perricard is aan een fameuze opmars bezig. “Ik heb in Antwerpen al eens tegen hem gespeeld (vorig jaar op de European Open werd het 7-5, 6-3 voor de Fransman, red)”. Maar dat was op een supersnelle ondergrond. Hier gaat het anders zijn. Veel zal wel van zijn service afhangen. Hij speelt de finale in Lyon. Het zal dus niet makkelijk worden, zeker niet omdat hij het publiek achter zich gaat hebben. Ik zal vrijuit moeten tennissen, zodat ik hem aan het lopen kan krijgen.”

In geval van een overwinning wacht een gezellig onderonsje met ofwel Sascha Zverev ofwel Rafael Nadal. “Die twee tegen elkaar in de eerste ronde…dat is zot”, glimlachte Goffin. “Dat is de strafste eerste ronde van het jaar! Tegen één van die twee uitkomen in de tweede ronde zou top zijn. Ook al is het natuurlijk een aartsmoeilijke opdracht. Zverev is duidelijk in bloedvorm na zijn zege in Rome terwijl Nadal, na Barcelona en Madrid, toch zijn tennis wat lijkt terug te vinden. Het wordt wel afwachten of hij het fysiek gaat aankunnen. De laatste keer tegen Zverev (halve finale Roland Garros 2022) waren de rally’s al ongelooflijk lang.”

Wat deze Roland Garros ook gaat geven voor Goffin, zijn toekomst ziet hij tegemoet met sereniteit. “Ik ga proberen terug te keren in de top 100”, klonk hij overtuigd. “Ik heb nog wat weg af te leggen maar ik denk wel dat ik het nog in me heb en zelfs het niveau van een top 70 of 80 kan bereiken. Er zit niet veel verschil tussen. Ik heb de laatste weken ook enkele goede matchen gespeeld. Wat uiteindelijk telt is niet zozeer het resultaat maar de manier waarop men verliest. Die nederlagen zijn vaak mijn eigen fout en niet door de sterkte van de tegenstander. Ik ga de zege niet genoeg zoeken. Alles ligt dus nog in mijn handen, heb ik het gevoel, om die tendens tegen het einde van het jaar om te buigen. Het is ook een kwestie van vertrouwen maar tegelijk ook de manier waarop ik vaak de wedstrijden aanvat. Al te vaak begin ik slecht, verlies ik de eerste set, vooraleer nipt onderuit te gaan in set drie. Als ik dat al zou kunnen oplossen.”

Als we het over het einde van het seizoen hebben, spreken we dan ook oer het einde van een carrière? Goffin wordt in september vader en in december 34 jaar. “Ik weet dat enkele generatiegenoten als Dominic Thiem en Diego Schwarzmann er dit jaar een punt achter zetten”, zuchtte de voormalige nummer zeven van de wereld. “Maar dat gaat bij mij niet het geval zijn. Ik ga zeker ook volgend jaar nog spelen. Daarna zullen we zien hoe dat aanvoelt.” We stipten het al aan: samen met vrouw Stéphanie verwacht Goffin binnenkort een eerste kindje. “We zijn in de wolken”, glunderde Goffin. Supercontent. Ik geniet van elke dag, elke week, elke nieuwe stap. In september komt dan de grote verandering.” Een verandering die mogelijk ook gevolgen heeft voor zijn deelname aan de Davis Cup in Bologna. “Ik heb Steve (Darcis) al lang op voorhand ingelicht. Ik heb hem meegedeeld dat het moeilijk gaat worden. Als de baby er nog niet is, zal ik gespannen aan het wachten zijn. En als de baby er wel al is, dan zal ik goesting hebben om tijd met hem door te brengen.”

Alison Van Uytvanck: “Ik heb geen schrik meer om te tennissen”

Niemand die in Parijs met een grotere glimlach rondloopt dan Alison Van Uytvanck (WTA 398). Terugkrabbelend van ernstige rugproblemen speelt ze zondag op Roland Garros voor het eerst weer een grandslamwedstrijd sinds de Australian Open vorig jaar. “Ik ga gestresseerd zijn”, gaf ze al toe.

 

Bijna tien jaar is het geleden dat de 30-jarige Alison Van Uytvanck haar ‘moment de gloire’ kende op Roland Garros en met een kwartfinale België anderhalve week in de ban hield. Coach Ann Devries staat vandaag nog steeds aan haar zijde maar een decennium aan proftennis heeft wel zijn sporen nagelaten. Van Uytvanck kende de laatste twee jaar heel veel rugproblemen en is sinds enkele maanden bezig aan haar laatste comebackpoging. “Mijn lichaam is nu min of meer in orde”, zei de Brabantse. “Ik heb hier en daar wat kwaaltjes maar ik heb geen schrik meer om te tennissen.”

Van Uytvanck heeft begrijpelijk diep gezeten. “We hebben veel getwijfeld. Of ik nog wel zou kunnen terugkeren? Of ik nog wel een behoorlijk niveau zou kunnen halen? Ik heb veel getraind maar als je dan na enkele maanden wéér een terugval krijgt, en je weer opnieuw moet beginnen, dan wordt het moeilijk.” In december onderging ze een zware ingreep om die laatste strohalm te grijpen. “Ik heb zes hete, dikke naalden in mijn rug gekregen en daarlangs werd dan heel veel koud water ingespoten”, legde Van Uytvanck uit. “Om zo de zenuwen min of meer te verdoven. Het was zeer pijnlijk. Temeer daar ik wakker moest blijven tijdens de ingreep. Die verdoving zou een jaar moeten werken. Voorlopig gaat het goed.”

Logisch dus dat Van Uytvanck superblij is om opnieuw deel te nemen aan het grootste graveltornooi ter wereld. Zeker ook omdat ze de laatste weken via de kleinere ITF-tornooitjes aan de weg terug heeft getimmerd. In Hammamet (W35) pakte ze zelfs de titel, maar een lachertje was dat niet. “Het was vreselijk”, lachte Van Uytvanck. “Het is echt back to basics. Dat wordt ook een beetje onderschat. Je bent het gewoon dat alles goed geregeld is, dat je water krijgt als je gaat trainen bijvoorbeeld. Wel, daar kreeg je geen water. Je krijgt nooit nieuwe ballen. Op mijn leeftijd dacht ik echt: ‘Fuck, wat ben ik hier aan het doen?’ Eerlijk, als mijn vrouw niet mee was dan ben ik niet zeker dat ik naar Tunesië was afgereisd. De motivatie vinden om, na de carrière die ik gehad heb, die kleinere tornooien af te schuimen is pittig.”

Nog iets dat Van Uytvanck geleerd heeft uit die laatste maanden is dat de concurrentie op het circuit moordend is. “Iedereen kan tennissen”, zei ze. “Zelfs de meisjes die 300ste of 400ste staan. Het is moeilijk om terug in die top 100 te geraken, hè.” Een mogelijke binnenweg is natuurlijk een goede prestatie op Roland Garros en de andere grote tornooien waarin ze haar beschermde ranking nog kan gebruiken. “Er resten mij nog vijf WTA-tornooien en twee grandslamtornooien, en daar ik zoveel mogelijk op gras ga spelen, ga ik die daar gebruiken.” Maar eerst dus hier in Parijs, waarin ze zondag een tegenstandster uit de kwalificaties treft. “Ik ga gestresseerd zijn”, wist Van Uytvanck. “En het gaat mentaal zwaar worden om daar mee om te gaan, maar ik ga wel alles geven.” Met de glimlach.  

Zizou Bergs: “Ik voelde mij Murray vandaag”

Een voor grote delen weergaloos spelende Zizou Bergs (ATP 102) werd op het einde van zijn derde kwalificatieronde door tegenstander Mathias Bourgue (ATP 289) en het Franse publiek nog tot een bloeddrukverhogend potje thrillertennis gedwongen maar boekte uiteindelijk oververdiend met 6-2, 7-6 zijn eerste plaatsje op de hoofdtabel van Roland Garros. Daar treft hij 24ste reekshoofd Alejandro Tabilo (ATP 25).

“Toen ze de Marseillaise aanhieven had ik zin om mee te doen!” Zizou Bergs is de man van de grote afspraken en vandaag op een volgepakte Court Suzanne Lenglen had hij zo’n momentje. Tegen de 30-jarige Mathias Bourgue was de Peltenaar lang heer en meester en speelde hij zijn beste kwalificatiewedstrijd van deze week. Bij 6-2, 5-4 voelde hij evenwel de druk van 10.000 Fransen die in zijn nek hijgden en werd het slot plots nog bijzonder spannend. “Het was gewoon irreëel, zo’n match spelen, in zo’n stadion, met zo’n ambiance”, glunderde Bergs na afloop. “Het leek wel op de Davis Cup, maar dan zonder coach op de bank. Hiervoor speel ik tennis! Mijn droom is niet om Roland Garros te winnen, maar wel om in zo’n sfeer te kunnen tennissen. Ik herinner me nog mijn eerste visite hier, ik was nog geen tien jaar. We keken naar het duel tussen Murray en Tsonga op de Lenglen en op een gegeven moment zei ik tegen mijn ouders dat ik wilde vertrekken. Ik kon het niet meer aan. Iedereen was voor Tsonga, én tegen Murray, en ik had echt medelijden met Murray. Wel, daar heb ik vandaag op een bepaald moment aan teruggedacht. En wist ik: nu ben ik Murray.”

Nadat hij op het eind er twee keer niet in slaagde de match over de streep te trekken behield Bergs toch zijn cool. Een duidelijk teken dat hij stappen heeft gezet, meer maturiteit heeft. “Vroeger had ik waarschijnlijk wel mijn racket verbrijzeld”, gaf de Limburger toe. “Vandaag blijf ik rustig. Mentaal ben ik top. Ik voel me sterker, intelligenter. En het klinkt misschien raar maar deze omstandigheden maakten het mij net makkelijker om mijn hoofd koel te houden. Ik zag bij hem immers ook wat nervositeit. Het belangrijkste was vooral dat ik moest accepteren dat het op dat moment misschien niet zo top was maar dat ik enkel die wedstrijd moest binnensleuren.” Wat hij ook deed. Waardoor hij zich meteen ook voor het eerst plaatste voor de hoofdtabel van Roland Garros. Na de Australia Open en Wimbledon nu dus ook in Parijs bij de grote jongens.

De loting was Bergs wel niet helemaal gunstig. Carlos Alcaraz was misschien erger geweest als tegenstrever maar met Alejandro Tabilo krijgt hij toch een Chileen in vorm – hij won in Rome nog van Novak Djokovic – voorgeschoteld.  “Ik ken Tabilo wel een beetje van de challengers”, wist Bergs. “Hij kent dit jaar echt wel zijn doorbraak. Maar een eerste ronde spelen tegen een qualifier is voor hem ook niet eenvoudig. Zeker niet tegen een qualifier die in mijn ogen wel gevaarlijk kan zijn. Hij zal ook wel gezien hebben dat ik tegen Nadal een goede wedstrijd heb gespeeld. En deze zondag heb ik het voordeel dat er heel wat Belgen aanwezig zullen zijn en ik dus het publiek aan mijn kant ga hebben. Ik heb de laatste maanden al enkele grote matchen gespeeld, tegen Nadal, Tsitsipas, Rublev en Shelton. Telkens zat ik er dichtbij om een volgende stap in mijn carrière te zetten. Zondag ga ik weer aankloppen, en hopelijk dat deze keer die deur wel opengaat.”

Alison Van Uytvanck: “Ik heb geen schrik meer om te tennissen”

Niemand die in Parijs met een grotere glimlach rondloopt dan Alison Van Uytvanck (WTA 398). Terugkrabbelend van ernstige rugproblemen speelt ze zondag op Roland Garros voor het eerst weer een grandslamwedstrijd sinds de Australian Open vorig jaar. “Ik ga gestresseerd zijn”, gaf ze al toe.

 

Bijna tien jaar is het geleden dat de 30-jarige Alison Van Uytvanck haar ‘moment de gloire’ kende op Roland Garros en met een kwartfinale België anderhalve week in de ban hield. Coach Ann Devries staat vandaag nog steeds aan haar zijde maar een decennium aan proftennis heeft wel zijn sporen nagelaten. Van Uytvanck kende de laatste twee jaar heel veel rugproblemen en is sinds enkele maanden bezig aan haar laatste comebackpoging. “Mijn lichaam is nu min of meer in orde”, zei de Brabantse. “Ik heb hier en daar wat kwaaltjes maar ik heb geen schrik meer om te tennissen.”

Van Uytvanck heeft begrijpelijk diep gezeten. “We hebben veel getwijfeld. Of ik nog wel zou kunnen terugkeren? Of ik nog wel een behoorlijk niveau zou kunnen halen? Ik heb veel getraind maar als je dan na enkele maanden wéér een terugval krijgt, en je weer opnieuw moet beginnen, dan wordt het moeilijk.” In december onderging ze een zware ingreep om die laatste strohalm te grijpen. “Ik heb zes hete, dikke naalden in mijn rug gekregen en daarlangs werd dan heel veel koud water ingespoten”, legde Van Uytvanck uit. “Om zo de zenuwen min of meer te verdoven. Het was zeer pijnlijk. Temeer daar ik wakker moest blijven tijdens de ingreep. Die verdoving zou een jaar moeten werken. Voorlopig gaat het goed.”

Logisch dus dat Van Uytvanck superblij is om opnieuw deel te nemen aan het grootste graveltornooi ter wereld. Zeker ook omdat ze de laatste weken via de kleinere ITF-tornooitjes aan de weg terug heeft getimmerd. In Hammamet (W35) pakte ze zelfs de titel, maar een lachertje was dat niet. “Het was vreselijk”, lachte Van Uytvanck. “Het is echt back to basics. Dat wordt ook een beetje onderschat. Je bent het gewoon dat alles goed geregeld is, dat je water krijgt als je gaat trainen bijvoorbeeld. Wel, daar kreeg je geen water. Je krijgt nooit nieuwe ballen. Op mijn leeftijd dacht ik echt: ‘Fuck, wat ben ik hier aan het doen?’ Eerlijk, als mijn vrouw niet mee was dan ben ik niet zeker dat ik naar Tunesië was afgereisd. De motivatie vinden om, na de carrière die ik gehad heb, die kleinere tornooien af te schuimen is pittig.”

Nog iets dat Van Uytvanck geleerd heeft uit die laatste maanden is dat de concurrentie op het circuit moordend is. “Iedereen kan tennissen”, zei ze. “Zelfs de meisjes die 300ste of 400ste staan. Het is moeilijk om terug in die top 100 te geraken, hè.” Een mogelijke binnenweg is natuurlijk een goede prestatie op Roland Garros en de andere grote tornooien waarin ze haar beschermde ranking nog kan gebruiken. “Er resten mij nog vijf WTA-tornooien en twee grandslamtornooien, en daar ik zoveel mogelijk op gras ga spelen, ga ik die daar gebruiken.” Maar eerst dus hier in Parijs, waarin ze zondag een tegenstandster uit de kwalificaties treft. “Ik ga gestresseerd zijn”, wist Van Uytvanck. “En het gaat mentaal zwaar worden om daar mee om te gaan, maar ik ga wel alles geven.” Met de glimlach.  

Zizou Bergs: “Emoties zijn moeilijk te controleren als je mijn karakter hebt”

De ene was ontgoocheld door de nederlaag, de andere door zijn wisselvallig niveau. Dat krijg je als twee Belgische vrienden tegen elkaar spelen in een tweede kwalificatieronde, daar komen geen winnaars uit. Zizou Bergs (ATP 102) klopte desalniettemin Joris De Loore (ATP 198) en staat op één zege van de hoofdtabel van Roland Garros.

De wedstrijd op een rumoerige baan acht – op het naastgelegen Court Suzanne Lenglen zorgde het afscheid van Diego Schwarzmann voor veel lawaai – was even instabiel als het weer. Zon en regen zaten voortdurend elkaar de loef af te steken. Bij Zizou Bergs en Joris De Loore was het niet anders. Na een goede eerste set maakte de West-Vlaming gretig gebruik van een Limburgse terugval waarna de derde set een gevecht tegen de elementen, de emoties en de spanning werd. Bergs zegevierde maar kon daar achteraf niet blij om zijn. “Het was een bijzonder moeilijke wedstrijd”, zuchtte hij. “Ik had flink wat last van nervositeit. Dat ik tegen een toen heel sterke Joris in Lille had verloren, was blijkbaar toch in mijn hoofd gekropen. Ik was de hele match eigenlijk nooit helemaal in mijn sas. Kon nooit echt mijn speelstijl ontplooien. Bij momenten wel, anders kan je zo’n match niet winnen, maar al bij al te weinig.”

Joris De Loore kon dat onderschrijven. “Het was een close match”, zuchtte hij op zijn beurt. “In de derde set was er één minder spelletje van mij en hij bleef redelijk constant in zijn servicegames. Mijn opslag was dan weer iets te wisselvallig, daar heb ik het wat laten liggen. Ik had in de derde set ook misschien nog een tandje bij moeten steken, zoals ik op 4-5 begon te spelen (De Loore kreeg nog een breakpunt). Spijtig.” Bergs trachtte dan weer het positieve te zien na zo’n gevecht in zijn hoofd. “Ik ben kritisch voor mezelf en ben niet tevreden met hoe ik die tweede set mentaal verteerd hebt. Derde set stond ik er wel maar toch met iets te veel emoties. Nu, emoties zijn moeilijk te controleren als je zo’n karakter hebt als het mijne. Nu, ik denk dat je in de kwalificaties altijd zo’n wedstrijd nodig hebt.  Eentje waarin je stress hebt, waarin je graag beter zou tennissen maar ook eentje dat je weet dat de kans groot is dat het beter gaat worden in de volgende ronde.”

In die kans om voor de eerste keer naar de hoofdtabel van Roland Garros te gaan neemt hij het op tegen de 30-jarige Fransman Matthias Bourgue (ATP 289). “Tegen hem ik lang geleden (2018) eens gespeeld maar heb ik geen recente ervaringen mee. Qua affiche best een interessante loting”, moest Bergs toegeven. “We gaan er alles aan doen om de beste versie van mezelf op de baan te krijgen.”

Zizou Bergs: “De druk houdt me lekker scherp”

Opdracht volbracht voor Zizou Bergs (ATP 102). Op 67 minuten snelde hij in Parijs met 6-1, 6-1 voorbij de Franse wildcard Clement Chidekh (ATP 280). Een Belgisch onderonsje met Joris De Loore (ATP 198) volgt in de tweede kwalificatieronde van Roland Garros.

Hij was in zijn nopjes, Zizou Bergs. Lekkere start van zijn kwalificatiecampagne in Parijs. “Ik kende hem (Chidekh) van de hardcourttornooien eind vorig jaar en daar stond hij goed te spelen en presteren. Ik mocht hem dus zeker niet onderschatten. Nu, gravel ligt hem iets minder als ondergrond. En daarom heb ik net iets meer graveltennis in mijn tactiek gesmokkeld, iets ruimer gespeeld ook, om het hem nog oncomfortabeler te maken. En dat heb ik heel goed uitgevoerd. Enkel mijn opslagpercentage (41%) was misschien wat aan de lage kant, maar het is altijd goed dat ik nog beter kan doen.”

In de volgende ronde is dat misschien wel nodig dan wacht voor de 24-jarige Bergs, pas aan zijn derde Roland Garros bezig, een vriendenduel met Joris De Loore. Derde keer dit jaar al (Australian Open, Lille, Roland Garros) dat de twee tegenover elkaar staan. “In Lille hebben we een ongelooflijk gevecht gehad”, aldus Bergs. “We zijn aan elkaar gewaagd, maar we hebben nog niet tegen elkaar gespeeld op gravel, zelfs nog nooit getraind. Dus moeten we eens bekijken hoe we het gaan aanpakken.”

Fysiek is Bergs alleszins gerecupereerd nadat hij vorige week in Bordeaux op het laatste moment verstek gaf, en dat ondanks dat hij daar in de wijnstreek maar één zege nodig had om een plaatsje voor Wimbledon en in de top 100 van de wereld af te dwingen. “Rome was pittig geweest”, gaf de Limburger toe. “Ik zat daar elke dag op een ‘highlight reel’ te leven. Ik vond de vibe in Italië al direct zalig en dan mocht ik nog tegen Nadal. Een droom! Daarna was Bordeaux een flinke decompressie. Ik kreeg allerlei signalen dat het moeilijk ging worden. Ik had geen energie om te trainen en had last van  een heleboel kwaaltjes. Een dag voor de wedstrijd voelde ik dan nog iets aan mijn buikspieren, die ik anderhalf jaar geleden gescheurd heb, en toen was wel duidelijk dat de stekker eruit moest. Ik wist wat er op het spel stond maar ik ben wel blij dat mijn team met mij meedacht en bevestigde  ‘sometimes less is more’. Een heel verstandige keuze uiteindelijk.”

Zijn ranking en prestaties de laatste weken zorgen vanzelfsprekend wel voor heel wat verwachtingen, in Pelt en ver daarbuiten. “Zeker als je drie sets speelt tegen Nadal ziet iedereen jou natuurlijk al gekwalificeerd in Parijs”, glimlachte Bergs. “Maar zo werkt het niet, hè, er zijn hier veel jongens die net hetzelfde nastreven. Maar ik heb niet veel last van de druk. Die druk houdt me lekker scherp en zorgt ervoor dat ik mezelf kan pushen. Ik ben er eerder dankbaar voor.”

Na jonge Est oude bekende voor triomferende De Loore

Prima prestatie van Joris De Loore (ATP 198) in zijn eerste kwalificatieronde op Roland Garros. De jonge Est Mark Lajal (ATP 207) werd met 6-2, 6-3 het kind van de rekening. Met Zizou Bergs krijgt de West-Vlaming nu met een oude bekende te maken.

Joris De Loore mocht van alle Belgische deelnemers de spits afbijten op Roland Garros. Op baan twaalf maakte hij het zichzelf makkelijk door uitstekend te starten en sterk te eindigen. De talentvolle Mark Lajal zag het met lede ogen aan. “Het was zeker oké”, vond ook De Loore. “De laatste dagen heb ik terug een redelijk niveau gehaald. Ben dan ook blij dat ik deze match ‘sec’ heb kunnen binnenhalen. Ik ben alleszins heel tevreden van mijn wedstrijd. Hij is immers een gevaarlijke speler, en dus was het op voorhand niet simpel.”

Ook niet simpel, ronde twee tegen Zizou Bergs. Derde keer dit jaar al. “Een tweede keer in een grandslamtornooi (op de Australian Open was Bergs de beste, red)”, aldus De Loore. “Langs de ene kant spijtig want we willen voor mekaar ook dat we allebei die hoofdtabel halen maar sowieso gaat er al één Belg naar de laatste ronde, hè. We kennen mekaar goed, dat maakt het zeker niet makkelijk. We zullen zien wat het op gravel geeft.”

De Loore kende zeker niet de perfecte voorbereiding op deze French Open. Verkalking aan de knie en niet zo heel veel overwinningen zorgde voor een geaccidenteerd gravelseizoen. “Ik heb wel wat pech gehad”, legde hij uit. “Goede wedstrijden gespeeld maar zonder succes. In Portugal (kwartfinale in Oeiras) was mijn niveau wel opnieuw behoorlijk. Ik had dan ook wel hoge verwachtingen bij de start van dit kwalificatietornooi.” Nochtans is dat al de tiende keer dat De Loore meedoet aan die plaatsingswedstrijden van een grandslamtornooi, nooit eerder wist hij die succesvol af te ronden. “Ik ben er wel een paar keer heel dicht bij geweest”, gaf hij mee. “Het zal ooit wel eens in orde komen, hè.”